Krýsuvík, Bláa Lónid en Reykjanes

Dag 21, zondag 6 juli 2003, regenachtig
123 km over wegen 41, 42, 427, 43, 425, 44

Over weg 41 en 42 reden we richting het meer Kleifarvatn. Tot iets voor het meer bestond de weg 42 uit asfalt. Tot aan de kruising van weg 427 bleef de weg goed te berijden. Een klein stukje na het meer lag het warme bronnengebied Krýsuvík.

Iets verder langs de weg 42 lag het niet zo bijzondere meertje Grænavatn in een explosiekrater. waardering 3
Over de redelijke weg 427 we door richting Grindavík. Op het moment dat de weg de kust bereikt was er een mooi uitzicht op de kust en het plaatse Grindavík. waardering 6

Na een klein stukje over weg 43 sloegen we links af over de geasfalteerde weg naar Bláa Lónid, beter bekend als Blue Lagoon, gelegen in een lavaveld. Wanwege de regen lunchden we in de auto waarna we nog eens terug gingen naar het gebouw van de Blue Lagoon voor een kop koffie en wat foto's, en video opnamen.

Terug richting Grindavík reden over de redelijke weg 427 naar het zuidwesten van IJsland. Het matige weggetje naar Reykjanes passeerde eerst een bronnengebied waardering 6 waar de massaal aanwezige Noorse Sterns ons gelukkig met rust lieten. Voorbij de vuurtoren lagen enkele mooie steile rotswanden met nestelende vogels.
Het weggetje doorrijdend kwamen we weer op weg 425 waarmee een einde kwam aan asfaltloze wegen. Door de regen over weg 44 ging het vervolgens naar de laatste camping in Njarðvík. Na het vol gooien van de tank, de laatste één-pans maaltijd in IJsland kon het laatste gastankje leeg gemaakt worden.